Hardcore Dutch

QuestionAnswer
on
aan
to
aan
to ring
aanbellen
to tackle
aangaan
to get dressed
aankleden
to recommend
aanraden
to touch
aanraken
to feel
aanvoelen
to turn on
aanzetten
back
achter
behind
achter
to go down
afgaan
dependent
afhankelijk
to finish
afhebben
to cool down
afkoelen
to finish
afmaken
to finish
afronden
to wash up
afwassen
already
al
all
alle
only
alleen
just
alleen maar
all
allemaal
all sorts
allerlei
everything
alles
if
als
when
als
as
als
once
als
please
alstublieft
always
altijd
other
ander
otherwise
anders
Anna
Anna
the evening
avond
to thank
bedanken
to start
beginnen
to begin
beginnen
to understand
begrijpen
to retain
behouden
to be known
bekendstaan
to watch
bekijken
to climb
beklimmen
important
belangrijk
to call
bellen
to prepare
bereiden
to reach
bereiken
to decide
besluiten
to infect
besmetten
to discuss
bespreken
rather
best
to exist
bestaan
to order
bestellen
to pay
betalen
better
beter
to please
bevallen
to keep
bewaren
occupied
bezet
busy
bezig
to visit
bezoeken
to deliver
bezorgen
by
bij
at
bij
almost
bijna
for example
bijvoorbeeld
especially
bijzonder
special
bijzonder
inside
binnen
in
binnen
to come in
binnenkomen
to enter
binnenkomen
soon
binnenkort
blue
blauw
happy
blij
to stay
blijven
to keep
blijven
to remain
blijven
to continue
blijven
to keep going
blijven gaan
fascinating
boeiend
to do shopping
boodschappen doen
to collide
botsen
up
boven
outside
buiten
comfortable
comfortabel
to communicate
communiceren
cash
contant
in cash
contant
to check
controleren
there
daar
then
daarna
that’s why
daarom
that's why
daarom
daily
dagelijks
then
dan
than
dan
that house
dat huis
the arrival
de aankomst
the potato
de aardappel
the back door
de achterdeur
the actor
de acteur
the breathing
de ademhaling
the appointment
de afspraak
the dishes
de afwas
the dishwasher
de afwasmachine
the planner
de agenda
the other
de ander
the fear
de angst
the pharmacy
de apotheek
the apple
de appel
the car
de auto
the vending machine
de automaat
the evening
de avond
the job
de baan
the bathroom
de badkamer
the baker
de bakker
the bakery
de bakkerij
the ball
de bal
the couch
de bank
the basil
de basilicum
the mountain
de berg
the protection
de bescherming
the decision
de beslissing
the discussion
de bespreking
the destination
de bestemming
the payment machine
de betaalautomaat
the visitor
de bezoeker
the library
de bibliotheek
the joy
de blijdschap
the flower
de bloem
the flower vase
de bloemenvaas
the fine
de boete
the fuel
de brandstof
the letter
de brief
the brother
de broer
the neighbor
de buurman
the neighborhood
de buurt
the (female) neighbor
de buurvrouw
the neighbor
de buurvrouw
the colleague
de collega
the computer
de computer
the caretaker
de conciërge
the condition
de conditie
the check-up
de controle
the croissant
de croissant
the day
de dag
the date
de datum
the door
de deur
the doctor
de dokter
the box
de doos
the shower
de douche
the dream
de droom
the characteristic
de eigenschap
the energy
de energie
the energy saving
de energiebesparing
the experience
de ervaring
the factory
de fabriek
the family
de familie
the fantasy world
de fantasiewereld
the bike
de fiets
the bicycle
de fiets
the cyclist
de fietser
the movie
de film
the film
de film
the guest
de gast
the event
de gebeurtenis
the municipality
de gemeente
the history
de geschiedenis
the guide
de gids
the guitar
de gitaar
the wave
de golf
the grammar
de grammatica
the vegetable
de groente
the vegetables
de groenten
the rush
de haast
the hand
de hand
the memory
de herinnering
the hill
de heuvel
the heat
de hitte
the dog
de hond
the help
de hulp
the tenant
de huurder
the imperative
de imperatief
the content
de inhoud
the instruction
de instructie
the interest
de interesse
the resident
de inwoner
the coat
de jas
the boy
de jongen
the cable
de kabel
the room
de kamer
the office job
de kantoorbaan
the cash register
de kassa
the checkout
de kassa
the cashier
de kassamedewerker
the cupboard
de kast
the cat
de kat
the basement
de kelder
the knowledge
de kennis
the kitchen
de keuken
the sound
de klank
the customer
de klant
the clothing
de kleding
the color
de kleur
the fridge
de koelkast
the refrigerator
de koelkast
the coffee
de koffie
the bowl
de kom
the cold
de kou
the crumb
de kruimel
the spring
de lente
the air
de lucht
the lunch
de lunch
the meal
de maaltijd
the month
de maand
the machine
de machine
the way
de manier
the market
de markt
the melody
de melodie
the opinion
de mening
the person
de mens
the people
de mensen
the afternoon
de middag
the minute
de minuut
the mother
de moeder
the repairman
de monteur
the wall
de muur
the music
de muziek
the music lesson
de muziekles
the afternoon
de namiddag
the nephew
de neef
the nose
de neus
the niece
de nicht
the new words
de nieuwe woorden
the note
de notitie
the morning
de ochtend
the exercise
de oefening
the surroundings
de omgeving
the relaxation
de ontspanning
the development
de ontwikkeling
the charger
de oplader
the solution
de oplossing
the recording
de opname
the organization
de organisatie
the older person
de oudere
the oven mitt
de ovenwant
the pan
de pan
the umbrella
de paraplu
the pepper
de peper
the picnic
de picknick
the place
de plek
the police
de politie
the wallet
de portemonnee
the mail
de post
the poster
de poster
the practice
de praktijk
the price
de prijs
the professional
de professional
the reason
de reden
the rule
de regel
the regulation
de regeling
the rain
de regen
the director
de regisseur
the trip
de reis
the line
de rij
the river
de rivier
the tour
de rondleiding
the route
de route
the rosemary
de rozemarijn
the backpack
de rugzak
the sauce
de saus
the school
de school
the shed
de schuur
the scene
de scène
the service
de service
the atmosphere
de sfeer
the bedroom
de slaapkamer
the key
de sleutel
the flavor
de smaak
the soup
de soep
the lyric
de songtekst
the mirror
de spiegel
the city
de stad
the stem
de stam
the voice
de stem
the chair
de stoel
the vacuum cleaner
de stofzuiger
the street
de straat
the strategy
de strategie
the stress
de stress
the student
de student
the study
de studie
the sugar
de suiker
the supermarket
de supermarkt
the task
de taak
the language
de taal
the table
de tafel
the tasks
de taken
the dentist
de tandarts
the bag
de tas
the drawing
de tekening
the phone
de telefoon
the television
de televisie
the tea
de thee
the future
de toekomst
the stair
de trap
the garden
de tuin
the challenge
de uitdaging
the explanation
de uitleg
the invitation
de uitnodiging
the look
de uitstraling
the skill
de vaardigheid
the vacation
de vakantie
the variant thereof
de variant daarvan
the fan
de ventilator
the floor
de verdieping
the paint
de verf
the permit
de vergunning
the landlord
de verhuurder
the birthday
de verjaardag
the heating
de verwarming
the floor
de vloer
the bird
de vogel
the birds
de vogels
the preparation
de voorbereiding
the preference
de voorkeur
the fork
de vork
the question
de vraag
the friend
de vriend
the friends
de vrienden
the (female) friend
de vriendin
the girlfriend
de vriendin
the friend
de vriendin
the walk
de wandeling
the match
de wedstrijd
the weatherman
de weerman
the way
de weg
the road
de weg
the alarm clock
de wekker
the store
de winkel
the shop
de winkel
the home
de woning
the living room
de woonkamer
the handkerchief
de zakdoek
the singer
de zanger
the stamp
de zegel
the attic
de zolder
the summer
de zomer
the sunset
de zonsondergang
the sister
de zus
the sisters
de zussen
the meeting
de bijeenkomst
the time
de keer
the government
de overheid
the government
de regering
the time
de tijd
the meeting
de vergadering
partially
deels
to share
delen
to think
denken
this
deze
these
deze
who
die
those
die
digital
digitaal
thick
dik
directly
direct
this
dit
this weekend
dit weekend
various
diverse
to do
doen
dark
donker
by
door
through
door
because of
door
to continue
doorgaan
thirsty
dorstig
to run
draaien
to wear
dragen
to carry
dragen
three
drie
urgent
dringend
to drink
drinken
to dream
dromen
busy
druk
crowded
druk
busy
druk bezig
clear
duidelijk
clearly
duidelijk
thin
dun
so
dus
that
dat
that
die
truly
echt
a, an
een
a bit
een beetje
a knife
een mes
an hour
een uur
a fork
een vork
easily
eenvoudig
earlier
eerder
first
eerst
first
eerste
own
eigen
finally
eindelijk
to end
eindigen
each
elk
each other
elkaar
each other's
elkaars
every
elke
and
en
huge
enorm
there
er
very
erg
really
erg
severe
erg
somewhere
ergens
with it
ermee
to eat
eten
just
even
briefly
even
external
extern
extra
extra
bright
fel
to bike
fietsen
to ride
fietsen
bland
flauw
lovely
fraai
beautiful
fraai
to go
gaan
to go to sleep
gaan slapen
hospitable
gastvrij
to happen
gebeuren
to use
gebruiken
patiently
geduldig
to buy (past)
gekocht
luckily
gelukkig
easy
gemakkelijk
to enjoy
genieten
to enjoy
genieten van
enough
genoeg
planned
gepland
at ease
gerust
dangerous
gevaarlijk
to give
geven
together
gezamenlijk
salted
gezouten
yesterday
gisteren
slippery
glad
good
goed
well
goed
properly
goed
gladly
graag
gladly, with pleasure
graag
happily
graag
to like to drink
graag drinken
to grow
groeien
big
groot
large
groot
her
haar
to hurry
haasten
to rush
haasten
to get
halen
to pick up
halen
useful
handig
handy
handig
convenient
handig
hard
hard
to run
hardlopen
aloud
hardop
to have
hebben
entire
heel
delicious
heerlijk
hot
heet
clear
helder
at all
helemaal
to help
helpen
him
hem
remind
herinner
to remember
herinneren
the touching
het aanraken
the advice
het advies
the answer
het antwoord
the apartment
het appartement
the aroma
het aroma
the dinner
het avondeten
the basil
het basilicum
the bed
het bed
the amount
het bedrag
the bit
het beetje
the message
het bericht
the decision
het besluit
the file
het bestand
the cutlery
het bestek
the visit
het bezoek
the book
het boek
the booklet
het boekje
the little book
het boekje
the book
het boekje
the note
het briefje
the bread
het brood
the gift
het cadeautje
the center
het centrum
the comfort
het comfort
the day trip
het dagje uit
the part
het deel
the detail
het detail
the thing
het ding
the document
het document
the goal
het doel
the village
het dorp
the drink
het drankje
the enthusiasm
het enthousiasme
the food
het eten
the meal
het eten
the dinner
het eten
the family member
het familielid
the party
het feest
the party
het feestje
the festival
het festival
the cycling
het fietsen
the biking
het fietsen
the fruit
het fruit
the building
het gebouw
the poem
het gedicht
the money
het geld
the cash
het geld
the ease
het gemak
the dish
het gerecht
the company
het gezelschap
the curtain
het gordijn
the present
het heden
the fence
het hek
the head
het hoofd
the house
het huis
the homework
het huiswerk
the idea
het idee
the packing
het inpakken
the year
het jaar
the ticket
het kaartje
the office
het kantoor
the child
het kind
the loose change
het kleingeld
the locker
het kluisje
the cooking
het koken
the cup
het kopje
the cup of coffee
het kopje koffie
the cup of tea
het kopje thee
the spice
het kruid
the intersection
het kruispunt
the cushion
het kussen
the pillow
het kussen
the laboratory
het laboratorium
the country
het land
the noise
het lawaai
the reading
het lezen
the song
het lied
the list
het lijstje
the audiobook
het luisterboek
the medicine
het medicijn
the lake
het meer
most satisfied
het meest tevreden
the girl
het meisje
the knife
het mes
the moment
het moment
the music festival
het muziekfestival
the news
het nieuws
the part
het onderdeel
the research
het onderzoek
the breakfast
het ontbijt
the hanging up
het ophangen
the tidying up
het opruimen
the crossing
het oversteken
the path
het pad
the building
het pand
the paper
het papier
the park
het park
the plan
het plan
the fun
het plezier
the post office
het postkantoor
the project
het project
the window
het raam
the prescription
het recept
the result
het resultaat
the writing
het schrijven
the season
het seizoen
the game
het spel
the stuff
het spul
the city life
het stadsleven
the little chair
het stoeltje
the dust
het stof
the traffic light
het stoplicht
the beach
het strand
the success
het succes
the tablecloth
het tafelkleed
the theme
het thema
the time
het tijdstip
the view
het uitzicht
the hour
het uur
the story
het verhaal
the traffic
het verkeer
the diminutive
het verkleinwoord
the difference
het verschil
the transport
het vervoer
the request
het verzoek
the object
het voorwerp
the washing
het wassen
the water
het water
the weekend
het weekend
the weather
het weer
the work
het werk
the verb
het werkwoord
the creature
het wezen
the change
het wisselgeld
the word
het woord
the search
het zoeken
the swimming pool
het zwembad
it
hem
it
het
here
hier
he
hij
how
hoe
although
hoewel
high
hoog
hopefully
hopelijk
to hope
hopen
to hear
horen
to keep
houden
to love
houden van
current
huidig
their
hun
everyone
iedereen
someone
iemand
something
iets
I
ik
in
in
to
in
complicated
ingewikkeld
by now
inmiddels
to pour
inschenken
interesting
interessant
to introduce
introduceren
yes
ja
you
je
your
je
you
jij
your
jouw
right
juist
precisely
juist
correct
juist
you (plural)
jullie
to watch
kijken
to look
kijken
ready
klaar
done
klaar
finished
klaar
small
klein
little
klein
colorful
kleurijk
to sound
klinken
to cook
koken
to come
komen
to buy
kopen
short
kort
cold
koud
to receive
krijgen
to get
krijgen
can
kunnen
to be able to
kunnen
to be able
kunnen
late
laat
last
laatst
last
laatste
to laugh
lachen
long
lang
longer
langer
along
langs
slowly
langzaam
challenging
lastig
difficult to carry
lastig te dragen
to let
laten
to help grow
laten groeien
to show
laten zien
later
later
empty
leeg
instructive
leerzaam
to place
leggen
tasty
lekker
to learn
leren
to study
leren
fun
leuk
alive
levend
to read
lezen
rather
liever
to prefer
liever hebben
to lie
liggen
to seem
lijken
left
linksaf
to turn left
linksaf slaan
to walk
lopen
to let go
loslaten
to listen
luisteren
to succeed
lukken
to lunch
lunchen
but
maar
but, only
maar
to make
maken
easy
makkelijk
me
me
myself
me
to join
meedoen
to come along
meegaan
to come along
meekomen
to take along
meenemen
to bring along
meenemen
to take
meenemen
more
meer
several
meerdere
usually
meestal
right away
meteen
immediately
meteen
myself
mezelf
me
mij
my
mijn
minimal
minimaal
at least
minstens
maybe
misschien
perhaps
misschien
to miss
missen
tired
moe
difficult
moeilijk
to have to
moeten
must
moeten
must, have to
moeten
to be allowed
mogen
may
mogen
beautiful
mooi
tomorrow
morgen
after
na
to
naar
next to
naast
after
nadat
the Netherlands
Nederland
to take
nemen
nowhere
nergens
tidy
netjes
anyone
niemand
no one
niemand
not
niet
not only
niet alleen
nothing
niets
new
nieuw
needed
nodig
to need
nodig hebben
still
nog
still
nog steeds
usual
normaal
now
nu
to practice
oefenen
or
of
if
of
whether
of
for
om
because
omdat
to hug
omhelzen
to describe
omschrijven
to paraphrase
omschrijven
unfamiliar
onbekend
meanwhile
ondertussen
on my way
onderweg
approximately
ongeveer
unhealthy
ongezond
online
online
our
ons
ourselves
ons
us
ons
to remember
onthouden
to escape
ontsnappen
to relax
ontspannen
relaxed
ontspannen
relaxing
ontspannend
to relax
ontspanning
unexpected
onverwacht
unpredictable
onvoorspelbaar
our
onze
too
ook
also
ook
even though
ook al
even if
ook als
at
op
on
op
to go on vacation
op vakantie gaan
to store away
opbergen
to store
opbergen
open
open
public
openbaar
to open
openen
to leave open
openlaten
to pick up
ophalen
to impose
opleggen
to pay attention
opletten
again
opnieuw
to list
opnoemen
to tidy up
opruimen
to hurry up
opschieten
to write down
opschrijven
to save
opslaan
to get up
opstaan
striking
opvallend
remarkable
opvallend
orange
oranje
to organize
organiseren
old
oud
about
over
to discuss
overleggen
to confer
overleggen
the day after tomorrow
overmorgen
to consider
overwegen
to grab
pakken
to park
parkeren
to fit
passen
perfect
perfect
to pay by card
pinnen
to place
plaatsen
to take place
plaatsvinden
to plan
plannen
to schedule
plannen
to make plans
plannen maken
beautiful
prachtig
to talk
praten
to speak
praten
to talk about
praten over
exactly
precies
to try
proberen
to react
reageren
to respond
reageren
straight ahead
rechtdoor
straight
rechtdoor
right
rechtsaf
to turn right
rechtsaf slaan
to turn right
rechtsafgaan
to regulate
regelen
regularly
regelmatig
to rain
regenen
to travel
reizen
to run
rennen
to risk
riskeren
to call out
roepen
red
rood
spacious
ruim
relaxing
rustgevend
quietly
rustig
calmly
rustig
calm
rustig
peacefully
rustig
boring
saai
together
samen
to work together
samenwerken
to paint
schilderen
clean
schoon
to clean
schoonmaken
to write
schrijven
to shake
schudden
to sleep
slapen
clever
slim
to close
sluiten
to taste
smaken
narrow
smal
quickly
snel
fast
snel
quick
snel
faster
sneller
to blow
snuiten
Sofie
Sofie
sometimes
soms
to play
spelen
to exercise
sporten
to speak
spreken
to talk
spreken
to stand
staan
step by step
stap voor stap
steep
steil
quiet
stil
to vacuum
stofzuigen
to stop
stoppen
to bother
storen
soon
straks
later
straks
strict
streng
to study
studeren
broken
stuk
to send
sturen
too
te
too much
te veel
against
tegen
to draw
tekenen
while
terwijl
to appear
tevoorschijn komen
to appear
tevoorschijnkomen
satisfied
tevreden
home
thuis
at home
thuis
to come home
thuiskomen
ten
tien
time
tijd
during
tijdens
anyway
toch
still
toch
when
toen
to add
toevoegen
Tom
Tom
to show
tonen
until
tot
until
totdat
between
tussen
two
twee
second
tweede
you
u
out of
uit
ultimately
uiteindelijk
eventually
uiteindelijk
to spend
uitgeven
to watch out
uitkijken
to end up
uitkomen
to explain
uitleggen
to invite
uitnodigen
excellent
uitstekend
to turn off
uitzetten
for hours
urenlang
your
uw
often
vaak
more often
vaker
of
van
today
vandaag
surely
vast
to hold tight
vasthouden
a lot
veel
much
veel
much, many
veel
many
veel
to sweep
vegen
secure
veilig
safe
veilig
to improve
verbeteren
forbidden
verboden
to use (up)
verbruiken
further
verder
to continue
verdergaan
to get lost
verdwaald raken
to disappear
verdwijnen
to compare
vergelijken
to forget
vergeten
to move
verhuizen
to sell
verkopen
cold
verkouden
stuffed up
verkouden
to leave
verlaten
to lose
verliezen
to avoid
vermijden
tiring
vermoeiend
different
verschillend
to oversleep
verslapen
to hide
verstoppen
to send out
versturen
to tell
vertellen
to leave
vertrekken
unpleasant
vervelend
to welcome
verwelkomen
to soften
verzachten
to collect
verzamelen
to come up with
verzinnen
to celebrate
vieren
dirty
vies
five
vijf
to find
vinden
to feel
voelen
to follow
volgen
next
volgend
next
volgende
according to
volgens
completely
volledig
to finish
voltooien
for
voor
before
voor
in advance
vooraf
especially
vooral
to prepare
voorbereiden
over
voorbij
before
voordat
to prevent
voorkomen
to predict
voorspellen
carefully
voorzichtig
previous
vorig
last year
vorig jaar
to ask
vragen
friendly
vriendelijk
kindly
vriendelijk
to free
vrij
quite
vrij
early
vroeg
to fill
vullen
where
waar
to appreciate
waarderen
which is why
waardoor
why
waarom
probably
waarschijnlijk
to wait
wachten
to wait for
wachten op
to walk
wandelen
when
wanneer
because
want
warm
warm
to wash
wassen
what
wat
we
we
again
weer
to refuse
weigeren
little
weinig
to wish
wensen
work
werk
to work
werken
to work (on)
werken
to know
weten
we
wij
to want
willen
to win
winnen
to live
wonen
to get
worden
to become
worden
soft
zacht
will
zal
they
ze
she
ze
to say
zeggen
ourselves
zelf
same
zelfde
even if
zelfs al
herself
zich
oneself
zich
himself
zich
themselves
zich
to feel at home
zich thuis voelen
to be mistaken
zich vergissen
to mistake
zich vergissen
to see
zien
she
zij
they
zij
to be
zijn
his
zijn
to sing
zingen
to sit
zitten
so
zo
such as
zoals
so that
zodat
as soon as
zodra
to look for
zoeken
to search
zoeken
to seek
zoeken
to look for
zoeken naar
sweet
zoet
just
zomaar
without
zonder
to ensure
zorgen voor
would
zouden
would like to
zouden graag
so much
zoveel
so many
zoveel
both
zowel
will
zullen
shall
zullen
heavy
zwaar
weak
zwak
with
bij
to set
dekken
them
er
fresh
fris
like
graag
to like
graag hebben
loud
hard
very
heel
to like
houden ervan
could
kunnen
to put
leggen
nice
leuk
loud
luid
with
met
nice
mooi
from
uit
from
van
fresh
vers
them
ze
very
zeer
to set
zetten
to put
zetten
like
zoals
could
zouden
one
één