Breakdown of Zij heeft geen tijd om nu een kamer te dweilen.
zij
she
een
a/an
nu
now
hebben
to have
de tijd
the time
geen
no / not any
de kamer
the room
te
to (infinitive marker)
om
in order to
dweilen
to mop
Elon.io is an online learning platform
We have an entire course teaching Dutch grammar and vocabulary.