The imperative mood (kom, luister)

QuestionAnswer
to open
openen
immediately
meteen
Open that window immediately, please.
Open dat raam meteen, alstublieft.
to close
sluiten
carefully
voorzichtig
Close that door carefully.
Sluit die deur voorzichtig.
to give
geven
Order the coffee and give the waiter the money.
Bestel de koffie en geef de ober het geld.
Choose a new restaurant and order the fish.
Kies een nieuw restaurant en bestel de vis.
further
verder
Read further in that book.
Lees verder in dat boek.
Do not give our dog bread.
Geef onze hond geen brood.
to bring (to a destination)
brengen
Bring your pants to the store tomorrow.
Breng uw broek morgen naar de winkel.
Close the restaurant immediately!
Sluit het restaurant meteen!
Close the door and wait here.
Sluit de deur en wacht hier.
to try
proberen
Try that bike carefully.
Probeer die fiets voorzichtig.
Choose a book and read the story.
Kies een boek en lees het verhaal.
to ask
vragen
to tell
vertellen
Ask why and tell the story.
Vraag waarom en vertel het verhaal.
Try it and walk further.
Probeer het en loop verder.
Open the door and bring the book.
Open de deur en breng het boek.
Ask where and tell the answer.
Vraag waar en vertel het antwoord.
to let (laten we ... = let's ...)
laten
Let's go home!
Laten we naar huis gaan!
Let's eat together.
Laten we samen eten.
to ask about / after
vragen naar
Ask for the teacher's name.
Vraag naar de naam van de docent.
We ask about the answer.
Wij vragen naar het antwoord.

Contributors