Usages of eten
We eten samen.
We eat together.
Het kind eet een appel.
The child eats an apple.
De jongen eet een appel.
The boy eats an apple.
Het kind eet vier appels, niet vijf.
The child eats four apples, not five.
De familie eet laat in de avond.
The family eats late in the evening.
Wij eten vandaag in het restaurant.
We are eating in the restaurant today.
Hij eet geen brood en drinkt geen melk.
He does not eat bread and does not drink milk.
Eten jullie brood met kaas?
Do you eat bread with cheese?
De schapen eten en slapen buiten.
The sheep eat and sleep outside.
Eten de meisjes altijd koekjes?
Do the girls always eat cookies?
Eten de jongens veel pinda's?
Are the boys eating a lot of peanuts?
We eten vier stukjes kaas.
We are eating four pieces of cheese.
Het kind eet een ijsje.
The child is eating an ice cream.
We eten om zes uur.
We eat at six o'clock.
Straks gaan we samen eten.
Later we are going to eat together.
Ze eten vanavond soep in de keuken.
They are eating soup in the kitchen this evening.
Ik heb gisteravond al een pizza gegeten.
I already ate a pizza yesterday evening.
Heeft het kind de appel al gegeten?
Has the child already eaten the apple?
We hebben gisteravond de pizza gegeten en de wijn gedronken.
We ate the pizza and drank the wine last night.
Het meisje eet de appel, want ze heeft honger.
The girl is eating the apple, because she is hungry.
We eten in het restaurant, want de pizza is lekker.
We are eating in the restaurant, because the pizza is tasty.
Laten we samen eten.
Let's eat together.
Wij eten bijna nooit vlees.
We almost never eat meat.
We eten gewoonlijk brood bij de lunch.
We usually eat bread for lunch.
Wanneer eet je meestal in Nederland?
When do you usually eat in the Netherlands?
Je eet hier vroeg, dat is de gewoonte.
You eat early here, that is the custom.
Je eet kaas op brood, dat is typisch.
You eat cheese on bread, that is typical.
Ik eet graag rijst met kip.
I like to eat rice with chicken.
Dat vegetarische gerecht eet ik liever.
I prefer to eat that vegetarian dish.
Maar ik eet het liefst een salade.
But I like eating a salad best.
Dat lekkere toetje eet ik heel graag!
I really like eating that tasty dessert!
Je hoeft niet zelf te koken, want we eten in het restaurant.
You don't have to cook yourself, because we are eating in the restaurant.
Ik eet vaak een appel om gezond te blijven.
I often eat an apple to stay healthy.
Ik eet geen koekjes, dus ik bak er geen.
I do not eat cookies, so I am not baking any.
Wanneer hadden de kinderen de taart stiekem gegeten?
When had the children secretly eaten the cake?
Ik heb vandaag veel lekkers gegeten.
I ate a lot of tasty things today.
De pan blijft op het fornuis totdat we eten.
The pan stays on the stove until we eat.
Er wordt hier in de studio niet gegeten.
People do not eat here in the studio.
Wij koken een verse maaltijd, zodat we gezond eten.
We are cooking a fresh meal so that we eat healthily.
Je moet veel eiwit eten, zodat je spieren groeien.
You must eat a lot of protein so that your muscles grow.
Wij eten minder vet, zodat we afvallen.
We eat less fat so that we lose weight.
Ik ben te misselijk om nog iets te eten.
I am too nauseous to eat anything else.
Goedenavond, wij eten nu.
Good evening, we are eating now.
Wij eten eerst de soep.
First we eat the soup.
De dikke kat eet veel.
The fat cat eats a lot.
Een week geleden heb ik pizza gegeten.
A week ago I ate pizza.
Na de les eten wij samen.
After the class we eat together.
Ik heb vanmorgen brood gegeten.
I ate bread this morning.
Wij eten het ontbijt om acht uur.
We eat breakfast at eight o'clock.
Af en toe eet ik een taart.
Now and then I eat a cake.
Ik eet de helft van de appel om af te vallen.
I eat half of the apple to lose weight.
Hij eet een kwart van de portie.
He eats a quarter of the portion.
Men praat niet terwijl men eet.
People do not talk while eating.
Volgens het onderzoek eten we te veel suiker.
According to the research, we eat too much sugar.
Als je goed eet, zul je snel vooruitgaan met je training.
If you eat well, you will progress quickly with your training.
We zouden oorspronkelijk buiten eten, maar we hebben alsnog binnen gegeten.
We were originally going to eat outside, but we ate inside after all.
Ik dacht dat wij samen zouden eten.
I thought that we would eat together.
De kat mag niet eten of drinken. Ze krijgt namelijk een operatie.
The cat may not eat or drink. She is getting an operation, you see.
Dit is het lekkerste wat we hebben gegeten!
This is the tastiest thing we have eaten!
Wat een giftige plant! We mogen hem niet eten.
What a poisonous plant! We must not eat it.
De boer is zo bezorgd en wanhopig dat hij niet eet.
The farmer is so worried and desperate that he does not eat.
De slak eet wat van de plant.
The snail is eating a little of the plant.
Desondanks eet ik wat slappe friet.
Nevertheless, I am eating some limp fries.
We eten geen gluten en we verdragen noten ook niet.
We do not eat gluten, and we do not tolerate nuts either.
Je hoeft de gluten niet te eten, en je hoeft de soja ook niet te eten.
You do not have to eat the gluten, and you do not have to eat the soy either.
Eet smakelijk!
Enjoy your meal!
Wij eten de pannenkoek met een vork.
We eat the pancake with a fork.
Ik eet de smaakloze vis zodat ik overleef.
I eat the tasteless fish so that I survive.
Naargelang we meer koolhydraten eten, krijgen we meer calorieën.
As we eat more carbohydrates, we get more calories.
De inname van deze vitamine varieert, naargelang je meer plantaardig eet.
The intake of this vitamin varies as you eat more plant-based.
Nadat zij haar voedingsschema had veranderd, at zij minder calorieën.
After she had changed her meal plan, she ate fewer calories.
Jullie zouden meer vitamines moeten nemen, naargelang jullie minder fruit eten.
You would have to take more vitamins as you eat less fruit.
Hij neemt zich voor minder vlees te eten.
He intends to eat less meat.
Hun boterhammen etend, fietsten de jongens naar school.
Eating their sandwiches, the boys cycled to school.
Hij morst vaak tijdens het diner, vandaar dat hij liever alleen eet.
He often spills during dinner, which is why he prefers to eat alone.
De atleet eet vaak een eiwitrijke maaltijd na de training.
The athlete often eats a high-protein meal after training.
Wij eten 's morgens altijd een vezelrijk ontbijt.
We always eat a high-fiber breakfast in the morning.
Eet jij vaak een bord havermout als ontbijt?
Do you often eat a plate of oatmeal for breakfast?
We hebben het hele gebakje meteen van de bakplaat gegeten.
We ate the whole pastry straight from the baking tray.
Ik eet de rauwe garnaal niet en hij evenmin.
I do not eat the raw shrimp and neither does he.
Het meisje heeft nog geen spruit gegeten.
The girl has not eaten a Brussels sprout yet.
Ze eet de spruit niet en ze lust de aubergine evenmin.
She does not eat the Brussels sprout and she does not like the eggplant either.
Ik eet de aubergine niet en de kieskeurige man wil die evenmin.
I do not eat the eggplant, and the picky man does not want it either.
De hete soep is pikant, maar we hebben er nog niet van gegeten.
The hot soup is spicy, but we have not eaten from it yet.
Eet mijn zus d'r kat de hond z'n voer?
Does my sister's cat eat the dog's food?
Ondanks het feit dat we gretig eten, blijven er kliekjes over in de pan.
Despite the fact that we eat eagerly, leftovers remain in the pan.
Eet voorzichtig, want die koekjes kruimelen altijd.
Eat carefully, because those cookies always crumble.
We navigeren naar de volgende stad, nadat we bij het tankstation hebben gegeten.
We navigate to the next city, after we have eaten at the gas station.
Wij eten fruit, bijvoorbeeld een appel.
We eat fruit, for example an apple.
Elon.io is an online learning platform
We have an entire course teaching Dutch grammar and vocabulary.