Werkwoordreferentie: choose

Choose betekent kiezen, uitkiezen of ervoor kiezen. Het werkwoord heeft een klinkerreeks die je als geheel moet leren: choose–chose–chosen. Daarnaast dwingt Engels je om de structuur van de keuze zichtbaar te maken: gebruik choose between bij duidelijk afgebakende alternatieven, maar choose from bij een aanbod of verzameling.

De vijf vormslots: choose–chose–chosen

SlotVormUitspraak (algemeen Amerikaans)
base / kale infinitiefchoose/tʃuːz/
3e persoon enkelvoudchooses/ˈtʃuːzɪz/
pastchose/tʃoʊz/
past participlechosen/ˈtʃoʊzən/
present participle / gerundchoosing/ˈtʃuːzɪŋ/

De base heeft /uː/, maar past en past participle hebben /oʊ/. Chosen heeft bovendien een onbeklemtoonde tweede lettergreep. De slotletter klinkt in alle drie als /z/, niet als /s/. In choosing valt de stille eind-e weg vóór -ing; er komt geen dubbele s: choosing, niet chooseing of choossing.

Leo always chooses the window seat.

Leo kiest altijd de stoel bij het raam.

We chose a smaller apartment near the station.

We kozen een kleiner appartement bij het station.

They've chosen Maya to lead the project.

Ze hebben Maya gekozen om het project te leiden.

Why are you choosing now? We have until Friday.

Waarom kies je nu al? We hebben tot vrijdag de tijd.

💡
Hoor drie treden: choose /uː/, chose /oʊ/ en chosen /oʊ + ən/. De betekenis blijft gelijk, maar tijd en grammaticale omgeving bepalen de trede.

Kernparadigma in tijd, aspect en wijs

Alleen chose en chosen zijn onregelmatig. Na do/does/did, will, would en andere modale hulpwerkwoorden staat de base choose.

ConstructieBevestigendOntkennendVraag
present simpleshe choosesshe does not choosedoes she choose?
present continuousshe is choosingshe is not choosingis she choosing?
past simpleshe choseshe did not choosedid she choose?
past continuousshe was choosingshe was not choosingwas she choosing?
present perfectshe has chosenshe has not chosenhas she chosen?
past perfectshe had chosenshe had not chosenhad she chosen?
futureshe will chooseshe will not choosewill she choose?
conditionalshe would chooseshe would not choosewould she choose?
imperativeChoose one.Do not choose yet.
mandative subjunctive (formal)They recommend that she choose.They recommend that she not choose.

He doesn't choose the menu; the chef does.

Hij kiest het menu niet; dat doet de chef.

Did you choose a password you can remember?

Heb je een wachtwoord gekozen dat je kunt onthouden?

Have you chosen a date for the wedding yet?

Hebben jullie al een datum voor de bruiloft gekozen?

De simple past lokaliseert een afgeronde keuze in een afgesloten verleden. Het present perfect presenteert de keuze als nu relevant, vaak zonder precies verleden tijdstip. De progressive is choosing belicht het beslisproces en is daarom minder geschikt voor een keuze die als één plots beslismoment wordt voorgesteld. Vergelijk de tijden uitgebreider bij past simple tegenover present perfect.

I was choosing a paint color when the contractor called.

Ik was een verfkleur aan het uitzoeken toen de aannemer belde.

Direct object en to-infinitive

Choose kan rechtstreeks het gekozen ding of de gekozen persoon als object nemen: choose a route, choose a candidate. Om een bewuste handelwijze te noemen, gebruik je choose to + infinitive. Het Nederlands heeft vaak ervoor kiezen om; het Engels heeft in dit patroon geen for: choose to wait.

You can choose any dessert on the menu.

Je mag elk dessert op de kaart kiezen.

Sam chose to stay home and finish the report.

Sam koos ervoor thuis te blijven en het verslag af te maken.

She chose not to answer the question.

Ze koos ervoor de vraag niet te beantwoorden.

De ontkenning staat vóór de infinitief wanneer het niet-uitvoeren de gekozen optie is: chose not to answer. Did not choose to answer kan daarentegen zeggen dat er geen bewuste keuze om te antwoorden was. Het verschil zit in het bereik van not.

I didn't choose to leave; the building was evacuated.

Ik koos er niet voor om weg te gaan; het gebouw werd ontruimd.

Bij een benoeming kan choose someone to do something de persoon en diens taak noemen. Choose someone as chair of choose someone for a role noemt de functie als naamwoordgroep.

The committee chose Dana as its new chair.

De commissie koos Dana als nieuwe voorzitter.

💡
Zet geen Nederlands voor na het werkwoord: choose the red one of choose to wait. Alleen een echte functie of bestemming kan for krijgen, zoals choose Dana for the role.

Choose between: afgebakende alternatieven

Gebruik choose between wanneer je afzonderlijke alternatieven tegenover elkaar zet. Dat zijn vaak twee opties, maar between is niet strikt tot twee beperkt: bij drie of meer duidelijk onderscheiden kandidaten is between ook normaal.

We have to choose between the train and the overnight bus.

We moeten kiezen tussen de trein en de nachtbus.

Voters are choosing between three very different candidates.

Kiezers kiezen uit drie sterk verschillende kandidaten.

I can't choose between these two jackets.

Ik kan niet kiezen tussen deze twee jassen.

Choose among is eveneens mogelijk bij drie of meer leden van een groep en klinkt soms formeler (formal). De oude schoolregel “between voor twee, among voor meer dan twee” is dus te star. Het echte verschil is perspectief: between houdt de alternatieven individueel uit elkaar; among presenteert ze eerder als leden van een groep.

Choose from: een aanbod als bron

Gebruik choose from wanneer de nadruk ligt op het beschikbare aanbod waaruit iemand één of meer elementen selecteert. Het object van from is de bronverzameling, niet noodzakelijk een volledige opsomming van elk alternatief.

Guests can choose from five main courses.

Gasten kunnen uit vijf hoofdgerechten kiezen.

Choose one photo from the folder and attach it to the email.

Kies één foto uit de map en voeg die bij de e-mail.

There are more than forty colors to choose from.

Er zijn meer dan veertig kleuren om uit te kiezen.

In het laatste voorbeeld staat from aan het einde omdat het betrekkelijk element is weggelaten: “kleuren waaruit je kunt kiezen”. Dat is volkomen natuurlijk en registerneutraal; het is geen foutief “los voorzetsel”.

PatroonConceptSnelle test
choose between A, B and Calternatieven vergelijkenkun je de opties apart benoemen?
choose from a list/range/menuselecteren uit een aanbodis de groep de bron van je keuze?
💡
Between tekent lijnen tussen alternatieven; from tekent een pijl vanuit een aanbod naar de geselecteerde optie.

Choose, choice en option

Choose is het werkwoord; choice /tʃɔɪs/ is het bijbehorende zelfstandig naamwoord. Voor een afzonderlijke beslissing is het telbaar; veelgebruikte patronen zijn make a choice, have a choice en face a difficult choice. Het kan ook ontelbaar zijn wanneer het keuzevrijheid of het beschikbare aanbod als algemeen begrip noemt, zoals in freedom of choice en Choice is limited. Do a choice is geen idiomatische combinatie. Option noemt een beschikbare mogelijkheid, terwijl choice zowel de beslisruimte als de uiteindelijke selectie kan noemen.

It was a difficult choice, but I don't regret it.

Het was een moeilijke keuze, maar ik heb er geen spijt van.

We have no choice but to cancel the trip.

We hebben geen andere keus dan de reis te annuleren.

The vegetarian option was my first choice.

De vegetarische optie had mijn eerste voorkeur.

Choice between noemt de tegenover elkaar staande alternatieven; choice of kan het aangeboden assortiment of het gekozen soort noemen: a choice of three desserts, her choice of words. Choice kan ook een adjectief zijn met de betekenis “uitgelezen” (formal), zoals choice ingredients, maar dat gebruik is minder belangrijk voor dagelijks spreken.

Register en keuzevrijheid

Choose is registerneutraal. Select is formeler en komt veel voor in interfaces, instructies en technische teksten (formal). Pick is alledaagser (informal) en suggereert vaak een snelle of praktische keuze. Opt for is neutraal tot formeel en is juist wél het Engelse patroon met for.

Select your preferred language from the menu.

Selecteer in het menu de taal van je voorkeur. (formal)

Just pick whichever seat you want.

Kies gewoon welke stoel je maar wilt. (informal)

Choose freely veronderstelt echte keuzevrijheid. Have no choice but to zegt juist dat omstandigheden slechts één handelwijze overlaten; grammaticaal verschijnt toch het zelfstandig naamwoord choice.

Veelgemaakte fouten

1. Chose en chosen verwarren

❌ We have chose a new supplier.

Onjuist: na have staat het past participle chosen.

✅ We have chosen a new supplier.

We hebben een nieuwe leverancier gekozen.

2. De stille e vóór -ing behouden

❌ She is chooseing a dress for the ceremony.

Onjuist: de stille eind-e valt weg vóór -ing.

✅ She is choosing a dress for the ceremony.

Ze zoekt een jurk uit voor de ceremonie.

3. Voor letterlijk als for vertalen

❌ I chose for the cheaper plan.

Onjuist: choose neemt het gekozen ding rechtstreeks; opt for zou wel kunnen.

✅ I chose the cheaper plan.

Ik koos voor het goedkopere abonnement.

4. Between gebruiken voor een onbenoemd aanbod

❌ You can choose between twenty flavors on the menu.

Niet de natuurlijke keuze wanneer twintig smaken als aanbod worden gepresenteerd; gebruik from.

✅ You can choose from twenty flavors on the menu.

Je kunt op de kaart uit twintig smaken kiezen.

5. Het werkwoord en zelfstandig naamwoord verwarren

❌ You need to choice a payment method.

Onjuist: choice is een zelfstandig naamwoord; hier is het werkwoord choose nodig.

✅ You need to choose a payment method.

Je moet een betaalmethode kiezen.

Kernpunten

  • De kernvormen zijn choose, chooses, chose, chosen, choosing.
  • Choose between vergelijkt afgebakende alternatieven; choose from selecteert uit een aanbod.
  • Gebruik choose something en choose to do, niet het Nederlandse transferpatroon choose for.
  • Choose is het werkwoord; choice is het zelfstandig naamwoord, is vaak telbaar en combineert dan met make.
  • Vorm, klinker, complement en register horen bij één lemma: select is formeler, pick informeler.

Related Topics

  • Onregelmatige past simpleA2Leer veelvoorkomende onregelmatige past-vormen herkennen en onthouden via vormfamilies en natuurlijke context.
  • Vorm van de present perfectA2Leer de present perfect bouwen met have of has en het onveranderlijke past participle, inclusief ontkenningen, vragen en onregelmatige vormen.
  • De to-infinitiefA2Leer hoe to plus de grondvorm een tijdloze deelzin vormt als complement, doelbepaling of onderwerp, en waar not hoort.
  • KeuzevragenA2Gebruik or en intonatie om in het Engels tussen echte alternatieven te laten kiezen.
  • Telbare en ontelbare zelfstandige naamwoordenA2Zie hoe telbaarheid de keuze voor enkelvoud, meervoud, a, many en much bepaalt en met de betekenis kan veranderen.