Tense alignment (nadat)

QuestionAnswer
the gas station
het tankstation
to refuel
bijtanken
After we had found the gas station, we refueled the car.
Nadat we het tankstation hadden gevonden, tankten we de auto bij.
to navigate
navigeren
We navigate to the next city, after we have eaten at the gas station.
We navigeren naar de volgende stad, nadat we bij het tankstation hebben gegeten.
the toll
de tol
After he had navigated through the mountains, he paid the toll.
Nadat hij door de bergen had genavigeerd, betaalde hij de tol.
After we have paid the toll, we refuel so that we can drive on.
Nadat we de tol hebben betaald, tanken we bij zodat we verder kunnen rijden.
the accommodation
de accommodatie
the hike
de wandeltocht
After they had booked the accommodation, they began the hike.
Nadat ze de accommodatie hadden geboekt, begonnen ze aan de wandeltocht.
to warm up
opwarmen
We warm up with hot coffee, after we have finished the hike.
We warmen op met hete koffie, nadat we de wandeltocht hebben afgerond.
to settle down
neerstrijken
After he had warmed up the soup, he settled down on the couch.
Nadat hij de soep had opgewarmd, streek hij neer op de bank.
Since the accommodation is beautiful, we should settle down here.
Aangezien de accommodatie mooi is, zouden we hier moeten neerstrijken.
to turn around (direction, vehicle)
omkeren
to adjust (e.g. plans, expectations)
bijstellen
After we had turned around, we adjusted our plan.
Nadat we waren omgekeerd, stelden we ons plan bij.
He turns the car around, after he has adjusted the route.
Hij keert de auto om, nadat hij de route heeft bijgesteld.
After we had refused to adjust the plan, we went home.
Nadat we hadden geweigerd het plan bij te stellen, gingen we naar huis.
to fill up (with fuel)
tanken
After we had filled up, we drove on.
Nadat wij getankt hadden, reden wij verder.
At the petrol station we always fill up.
Bij het tankstation tanken wij altijd.

Contributors