Na een Engels werkwoord kan een tweede handeling verschijnen als -ing-vorm of als to + infinitief. De hoofdkeuze is vaak een vaste lexicale eigenschap: enjoy reading, maar decide to leave. Bij sommige werkwoorden zijn beide vormen mogelijk, soms bijna zonder betekenisverschil en soms met een fundamenteel ander perspectief: stop smoking is stoppen met roken, terwijl stop to smoke stoppen is om te gaan roken.
Waarom één Nederlandse vertaling niet genoeg is
Nederlands gebruikt na veel werkwoorden te + infinitief, om te + infinitief, een infinitief zonder te of een bijzin. Die verdeling valt niet samen met de Engelse. Ik lees graag en ik vind lezen leuk kunnen allebei leiden tot I enjoy reading; I enjoy to read is geen standaardpatroon. Omgekeerd vraagt decide juist om to.
I enjoy reading in the garden when the weather is warm.
Ik lees graag in de tuin wanneer het warm is.
We decided to leave before the concert ended.
We besloten te vertrekken voordat het concert afgelopen was.
Een complement is hier een door het eerste werkwoord geselecteerde aanvulling. De vormkeuze is deels lexicaal: je moet weten wat enjoy of decide selecteert. Soms is ze ook semantisch: bij stop kiest de vorm welke gebeurtenis wordt beëindigd en welke het doel is.
Werkwoorden die een gerund selecteren
Frequente werkwoorden met een -ing-complement zijn admit, avoid, consider, deny, enjoy, finish, imagine, keep, mind, miss, postpone, practice, risk en suggest. Deze patronen zijn registerneutraal, al komt bijvoorbeeld deny doing veel in formele verslaggeving voor (formal).
Would you mind closing the window before we start?
Zou je het raam willen sluiten voordat we beginnen?
We considered moving closer to my parents, but the rent was too high.
We overwogen dichter bij mijn ouders te gaan wonen, maar de huur was te hoog.
The company denied sharing customer data with advertisers.
Het bedrijf ontkende klantgegevens met adverteerders te hebben gedeeld.
She suggested taking the earlier train in case of delays.
Ze stelde voor de eerdere trein te nemen voor het geval er vertraging was.
Vooral suggest veroorzaakt transferfouten. Engels zegt suggest doing something of suggest that someone (should) do something. Het patroon suggest someone to do is niet standaard.
I suggest that we wait until everyone has read the report.
Ik stel voor dat we wachten totdat iedereen het rapport heeft gelezen.
De gerundgroep kan zelf een object hebben: in avoid calling clients late is clients het object van calling, niet van avoid. Dat interne werkwoordelijke gedrag wordt uitgelegd op de gerund op -ing.
Werkwoorden die een to-infinitief selecteren
Veelvoorkomende werkwoorden met een to-infinitief zijn agree, choose, decide, expect, fail, hope, learn, manage, offer, plan, promise, refuse, seem en want. Ze wijzen vaak naar een beslissing, intentie, poging, mogelijkheid of toekomstige realisatie, maar dat is een tendens, geen regel waarmee je alle onbekende werkwoorden veilig kunt voorspellen.
We've agreed to review the budget again in October.
We hebben afgesproken de begroting in oktober opnieuw te bekijken.
Nina offered to drive me home after the party.
Nina bood aan me na het feest naar huis te brengen.
He refused to sign the form without legal advice.
Hij weigerde het formulier zonder juridisch advies te ondertekenen.
I hope to finish the repairs by Friday.
Ik hoop de reparaties vrijdag af te ronden.
De uitvoerder van de infinitief is in deze voorbeelden normaal dezelfde als het onderwerp van het eerste werkwoord: Nina bood aan dat Nina zou rijden. Bij werkwoorden als want, ask, advise, invite en expect kan er een object tussen staan dat de infinitiefhandeling uitvoert.
We expect the delivery to arrive before noon.
We verwachten dat de levering vóór twaalf uur aankomt.
The nurse advised me to rest for a few days.
De verpleegkundige adviseerde me een paar dagen rust te nemen.
Let op de constructie: advise someone to do, maar suggest doing of suggest that.... Synoniemen hebben dus niet automatisch hetzelfde complementpatroon.
Werkwoorden met beide vormen en weinig verschil
Na begin, start en continue zijn een gerund en een to-infinitief vaak allebei mogelijk zonder belangrijk betekenisverschil. Beide registers zijn neutraal.
It started raining just as we left the restaurant.
Het begon te regenen net toen we het restaurant verlieten.
It started to rain just as we left the restaurant.
Het begon te regenen net toen we het restaurant verlieten.
Er bestaan stijlvoorkeuren. Een schrijver kan opeenstapeling van -ing vermijden: It was starting to rain klinkt vaak soepeler dan It was starting raining. Na start kan de to-infinitief soms een geleidelijke mentale herkenning benadrukken: I'm starting to understand, maar I'm starting understanding klinkt onnatuurlijk. “Beide mogelijk” betekent dus niet dat ze in iedere context even idiomatisch zijn.
Like, love, hate en prefer laten vaak beide toe. De gerund kan een activiteit als algemene ervaring presenteren; de to-infinitief kan een gewoonte, keuze of passend gedrag benadrukken. Het verschil is meestal zacht en contextafhankelijk, vooral in moderne taal.
I like cycling, but I prefer to take the train when it rains.
Ik fiets graag, maar als het regent neem ik liever de trein.
Met would like/love/prefer staat normaal een to-infinitief: I'd like to speak to the manager. Would like speaking is niet de beleefde verzoekvorm.
I'd like to book a table for four at eight o'clock.
Ik zou graag om acht uur een tafel voor vier reserveren.
Stop: activiteit tegenover doel
Bij stop verandert de syntactische relatie volledig. Stop + -ing betekent ophouden met de activiteit die door de gerund wordt genoemd. Stop + to-infinitief betekent de huidige activiteit onderbreken met als doel iets anders te doen. De infinitief is dan een doeladjunct, niet het object van stop.
My grandfather stopped smoking after his doctor warned him.
Mijn opa stopte met roken nadat zijn arts hem had gewaarschuwd.
We stopped to smoke outside before getting back in the car.
We stopten om buiten te roken voordat we weer in de auto stapten.
In de eerste zin eindigt het roken. In de tweede eindigt of pauzeert een andere, impliciete activiteit — bijvoorbeeld rijden — zodat roken kan beginnen. De vorm alleen geeft dus al een temporele relatie aan.
She stopped checking her phone during dinner.
Ze hield op tijdens het eten op haar telefoon te kijken.
She stopped to check her phone before entering the meeting.
Ze bleef even staan om op haar telefoon te kijken voordat ze de vergadering binnenging.
Andere betekenisverschillen
Ook remember, forget en regret gebruiken de vorm om temporele oriëntatie uit te drukken. Remember doing kijkt terug naar een herinnerde gebeurtenis; remember to do betekent dat je een benodigde handeling niet vergeet. Omdat dit contrast subtiel en productief is, krijgt het een eigen pagina: remember, forget en regret.
Bij try betekent try to do een poging doen waarvan succes onzeker is. Try doing betekent een handeling als mogelijke oplossing uitproberen.
I tried to restart the laptop, but the power button didn't respond.
Ik probeerde de laptop opnieuw op te starten, maar de aan-uitknop reageerde niet.
If the page won't load, try restarting the router.
Als de pagina niet laadt, probeer dan eens de router opnieuw op te starten.
Bij go on, mean en need bestaan eveneens patronen met betekenisverschillen. Sommige zijn register- of regiogevoelig. The car needs washing is vooral gebruikelijk in Brits Engels (regional: UK) en betekent needs to be washed. Een lijst uit het hoofd leren is nuttig, maar voorbeelden met betekeniscontrast zijn noodzakelijk.
Een werkbare leerstrategie
Groepeer werkwoorden op patroon, maar bewaar betekenisverschillen als minimale paren. De volgende indeling is bruikbaar:
| Patroon | Frequente werkwoorden | Voorbeeld |
|---|---|---|
| werkwoord + -ing | enjoy, avoid, mind, suggest | avoid waiting |
| werkwoord + to-infinitief | decide, hope, promise, refuse | decide to wait |
| object + to-infinitief | ask, advise, expect, want | ask her to wait |
| beide, weinig verschil | begin, start, continue | started raining / to rain |
| beide, ander perspectief | stop, remember, try, regret | stopped smoking / to smoke |
Er is geen volledig betrouwbare semantische sneltoets. De tendens “-ing kijkt naar een echte of ervaren gebeurtenis, infinitief naar bedoeling of mogelijkheid” helpt bij verschillende contrasten, maar voorspelt niet waarom enjoy alleen -ing en hope alleen een to-infinitief kiest. Dat deel moet je eerlijk als woordenschat leren.
Veelgemaakte fouten
Een to-infinitief gebruiken na enjoy
❌ I enjoy to read before bed.
Onjuist — enjoy selecteert een gerund.
✅ I enjoy reading before bed.
Ik lees graag voordat ik ga slapen.
Suggest behandelen als advise
❌ She suggested us to take a taxi.
Onjuist — suggest neemt niet het patroon object plus to-infinitief.
✅ She suggested taking a taxi.
Ze stelde voor een taxi te nemen.
Je kunt ook zeggen She suggested that we take a taxi.
To vergeten na decide
❌ We decided leaving early.
Onjuist — decide selecteert hier een to-infinitief.
✅ We decided to leave early.
We besloten vroeg te vertrekken.
Stop smoking en stop to smoke verwisselen
❌ I stopped to smoke last year.
Onjuist als je bedoelt dat je vorig jaar met roken bent opgehouden; dit zegt dat je stopte om te roken.
✅ I stopped smoking last year.
Ik ben vorig jaar gestopt met roken.
Na would like een gerund gebruiken
❌ I'd like speaking to the manager.
Onjuist voor een beleefd verzoek — would like neemt een to-infinitief.
✅ I'd like to speak to the manager.
Ik zou graag de manager willen spreken.
Kernpunten
- Complementkeuze is deels lexicaal: leer enjoy doing en decide to do als volledige patronen.
- Suggest neemt -ing of een that-bijzin; advise kan object + to-infinitief nemen.
- Begin, start en continue laten vaak beide vormen toe, maar niet iedere context klinkt even natuurlijk.
- Bij stop en andere betekeniscontrastwerkwoorden bepaalt de vorm hoe gebeurtenissen temporeel en semantisch verbonden zijn.
- Een semantische tendens helpt, maar vervangt het leren van individuele werkwoordconstructies niet.
Related Topics
- De gerund op -ingA2 — Leer hoe een Engelse -ing-deelzin uiterlijk een naamwoordfunctie vervult maar vanbinnen de grammatica van een werkwoord behoudt.
- De to-infinitiefA2 — Leer hoe to plus de grondvorm een tijdloze deelzin vormt als complement, doelbepaling of onderwerp, en waar not hoort.
- De kale infinitiefA2 — Leer waar Engels de grondvorm zonder to gebruikt, van modale hulpwerkwoorden en do-support tot let, make en waarnemingswerkwoorden.
- Remember, forget en regret met twee complementenC1 — Gebruik gerund en to-infinitief bij remember, forget en regret om terugblik, nog uit te voeren handelingen en formele mededelingen te onderscheiden.
- Try en mean met gerund of infinitiefB2 — Leer hoe try en mean met een -ing-vorm of to-infinitief een andere handelingslogica en betekenis krijgen.
- Raising en controlC1 — Leer waarom onderwerpen bij seem uit de infinitief worden geïnterpreteerd, terwijl try en andere control-werkwoorden zelf een handelende deelnemer selecteren.