Open betekent als werkwoord meestal openen, opendoen of opengaan. Hetzelfde woord is ook een bijvoeglijk naamwoord: an open window en the window is open. Juist dat samenvallen maakt het verraderlijk voor Nederlandstaligen: The door opened beschrijft een gebeurtenis, terwijl The door was open een toestand beschrijft.
De vijf vormslots: één n
| Slot | Vorm | Uitspraak (algemeen Amerikaans) |
|---|---|---|
| base / kale infinitief | open | /ˈoʊpən/ |
| 3e persoon enkelvoud | opens | /ˈoʊpənz/ |
| past | opened | /ˈoʊpənd/ |
| past participle | opened | /ˈoʊpənd/ |
| present participle / gerund | opening | /ˈoʊpənɪŋ/ |
De klemtoon ligt op de eerste lettergreep: O-pen. De laatste lettergreep is onbeklemtoond, zodat de n vóór -ed en -ing niet verdubbelt. Vergelijk stopped/stopping, waar stop één beklemtoonde lettergreep heeft, met opened/opening. De past-uitgang klinkt /d/ na de stemhebbende /n/ en vormt geen extra lettergreep.
The library opens at nine on weekdays.
De bibliotheek gaat op werkdagen om negen uur open.
Maya opened the package at the kitchen table.
Maya maakte het pakket aan de keukentafel open.
The new café has already opened.
Het nieuwe café is al opengegaan.
Why are you opening all the windows?
Waarom doe je alle ramen open?
Kernparadigma in tijd, aspect en wijs
Open is regelmatig. Hulpwerkwoorden dragen de tijd, ontkenning of modaliteit; het hoofdwerkwoord staat dan als base, -ing-vorm of past participle.
| Constructie | Bevestigend | Ontkennend | Vraag |
|---|---|---|---|
| present simple | she opens | she does not open | does she open? |
| present continuous | she is opening | she is not opening | is she opening? |
| past simple | she opened | she did not open | did she open? |
| past continuous | she was opening | she was not opening | was she opening? |
| present perfect | she has opened | she has not opened | has she opened? |
| past perfect | she had opened | she had not opened | had she opened? |
| future | she will open | she will not open | will she open? |
| conditional | she would open | she would not open | would she open? |
| imperative | Open it. | Do not open it. | — |
| mandative subjunctive (formal) | They require that it open. | They require that it not open. | — |
Na does, did, will en would staat altijd de base open. De continuous presenteert het openen als proces; de simple past presenteert het als voltooid gebeurtenispunt. Het present perfect verbindt het resultaat met nu.
The store doesn't open on Sundays.
De winkel gaat op zondag niet open.
Did anyone open this file yesterday?
Heeft iemand dit bestand gisteren geopend?
I've opened the document, but the images are missing.
Ik heb het document geopend, maar de afbeeldingen ontbreken.
Het formele Amerikaanse mandative subjunctive gebruikt de onveranderde base, ook bij een enkelvoudig onderwerp. In gewone taal is They require the office to open vaak natuurlijker.
Overgankelijk en onovergankelijk
Met een direct object betekent open something dat het onderwerp iets opent. Zonder object kan het ding zelf opengaan of de activiteit beginnen. Engels wisselt dus van valentie zonder een wederkerend voornaamwoord of apart hulpwerkwoord.
Could you open the curtains?
Kun je de gordijnen opendoen?
The automatic doors opened as we approached.
De automatische deuren gingen open toen we dichterbij kwamen.
The conference opens with a short welcome speech.
De conferentie begint met een korte welkomsttoespraak.
Bij organisaties en evenementen kan open “beginnen” of “voor publiek toegankelijk worden” betekenen: the polls open, the exhibition opens. Dit is registerneutraal. Een persoon kan ook een vergadering, rekening of bestand open; Nederlands kiest afhankelijk van het object openen, beginnen, aanmaken of oproepen.
I'd like to open a checking account.
Ik wil graag een betaalrekening openen.
Who opened the meeting this morning?
Wie heeft de vergadering vanochtend geopend?
Veel gewone plaatscomplementen gebruiken at voor een tijdstip en with voor het eerste onderdeel: open at eight, open with a question. Open into/onto beschrijft waar een deur of ruimte rechtstreeks op uitkomt.
The bedroom opens onto a small balcony.
De slaapkamer komt uit op een klein balkon.
Werkwoord, adjectief en participium
In The door is open is open een adjectief: het noemt de toestand “niet dicht”. In The door was opened at six is opened een participium in een passieve gebeurtenis: iemand opende de deur om zes uur. In The door has opened is opened onderdeel van het active perfect en is de deur zelf opengegaan.
| Vorm | Perspectief | Betekenis |
|---|---|---|
| The window is open. | adjectivale toestand | Het raam staat open. |
| The window opened. | actieve gebeurtenis | Het raam ging open. |
| The window was opened. | passieve gebeurtenis | Het raam werd geopend. |
| The window has been open all day. | voortdurende toestand | Het raam staat al de hele dag open. |
The gate is open, so you can drive in.
Het hek staat open, dus je kunt naar binnen rijden.
The gate was opened by a security guard.
Het hek werd door een beveiliger geopend.
The gate has been open since noon.
Het hek staat sinds twaalf uur open.
Nederlandse leerders kiezen soms opened omdat geopend in het Nederlands ook gemakkelijk als toestand klinkt. In idiomatisch Engels is het gewone toestandsadjectief echter open. Opened als adjectivisch participium komt wel voor wanneer het eerdere openen relevant blijft, bijvoorbeeld a recently opened store. Dat betekent “een onlangs geopende winkel”, niet gewoon “een open winkel”. De pagina over toestandspassieven werkt dit onderscheid verder uit.
Betekenisuitbreidingen en register
Open to betekent bij personen en plannen “ontvankelijk voor” of “bereid om te overwegen”. Hier is open meestal adjectivisch. Open for noemt beschikbaarheid of doel: open for business, open for applications. Deze combinaties zijn registerneutraal; applications are now open komt veel voor in institutionele communicatie (formal).
We're open to suggestions, but the deadline won't change.
We staan open voor suggesties, maar de deadline verandert niet.
Applications are open until October 1.
Aanvragen kunnen tot 1 oktober worden ingediend. (formal)
Het partikelwerkwoord open up is vaak informeler. Het kan letterlijk “helemaal opendoen” betekenen en figuurlijk “zich openstellen”. Uitgebreide betekenissen van partikelwerkwoorden vallen buiten deze pagina, maar het registerverschil is nuttig: The clinic opened is neutraal; He finally opened up about the problem is alledaags (informal).
Veelgemaakte fouten
1. De n verdubbelen
❌ The museum openned a new wing last month.
Onjuist: de laatste lettergreep van open is onbeklemtoond, dus de n verdubbelt niet.
✅ The museum opened a new wing last month.
Het museum opende vorige maand een nieuwe vleugel.
2. Opened als gewone toestand gebruiken
❌ Is the pharmacy opened right now?
Onjuist in de gewone toestandsbetekenis: gebruik het adjectief open.
✅ Is the pharmacy open right now?
Is de apotheek nu open?
3. De verleden tijd na did herhalen
❌ When did the shop opened?
Onjuist: did draagt de verleden tijd, dus daarna volgt de base.
✅ When did the shop open?
Wanneer is de winkel opengegaan?
4. Een wederkerend voornaamwoord toevoegen
❌ The door opened itself when I pressed the button.
Onjuist als je alleen bedoelt dat de deur automatisch openging; itself voegt nadrukkelijk zelfhandeling toe.
✅ The door opened when I pressed the button.
De deur ging open toen ik op de knop drukte.
5. Adjectivale en verbale duur verwarren
❌ The window has opened for two hours.
Onjuist voor een toestand die twee uur voortduurt: has opened noemt de gebeurtenis, niet de duur van openstaan.
✅ The window has been open for two hours.
Het raam staat al twee uur open.
Kernpunten
- De kernvormen zijn open, opens, opened, opened, opening; door de onbeklemtoonde eindlettergreep blijft het bij één n.
- Open something is overgankelijk, maar een deur, winkel of evenement kan ook zelf open.
- Is open beschrijft een toestand, opened een gebeurtenis en was opened een passieve gebeurtenis.
- Na did en modale hulpwerkwoorden staat de base open.
- Sla bij dit lemma vorm, uitspraak, valentie en woordsoort samen op: alleen de vertaling openen voorspelt het Engelse patroon niet.
Related Topics
- Vorm van de regelmatige past simpleA1 — Leer hoe je regelmatige Engelse werkwoorden in de past simple vormt, spelt en uitspreekt.
- Vorm van de present simpleA1 — Leer hoe je de present simple vormt, met de derde persoon op -s en de onregelmatige vormen van be en have.
- Vorm van de present perfectA2 — Leer de present perfect bouwen met have of has en het onveranderlijke past participle, inclusief ontkenningen, vragen en onregelmatige vormen.
- Passieve gebeurtenis of resulterende toestandC1 — Onderscheid een echte passieve gebeurtenis van een adjectivische resultaattoestand bij be plus een voltooid deelwoord.
- Vorm van Engelse bijvoeglijke naamwoordenA1 — Leer waarom Engelse adjectieven niet verbuigen voor getal of gender en hoe hun plaats hun functie duidelijk maakt.
- Conversie zonder affixB1 — Leer hoe Engelse woorden zonder zichtbare uitgang van woordsoort veranderen, van ‘an email’ naar ‘to email’ en van ‘to reply’ naar ‘a reply’.