Feel betekent onder meer voelen, zich voelen, aanvoelen en vinden. Die vertalingen horen bij verschillende grammaticale frames. I feel cold verbindt het onderwerp met een eigenschap, I feel the cold neemt een direct object, en I feel that we should wait geeft een mening. Vooral het Nederlandse wederkerende zich voelen leidt gemakkelijk tot een onnodig Engels wederkerend voornaamwoord.
De vijf vormslots en hun uitspraak
| Slot | Vorm | Uitspraak (algemeen Amerikaans) |
|---|---|---|
| base / kale infinitief | feel | /fiːl/ |
| 3e persoon enkelvoud | feels | /fiːlz/ |
| past | felt | /fɛlt/ |
| past participle | felt | /fɛlt/ |
| present participle / gerund | feeling | /ˈfiːlɪŋ/ |
De onregelmatige reeks is feel–felt–felt. In felt verandert /iː/ in /ɛ/ en verschijnt /t/; feeled bestaat niet als standaardvorm. Feeling behoudt de dubbele e en heeft twee lettergrepen.
I feel much better after a full night's sleep.
Ik voel me veel beter na een volledige nachtrust.
The handle feels loose.
De handgreep voelt los aan.
She felt nervous before the interview.
Ze voelde zich zenuwachtig vóór het sollicitatiegesprek.
I've felt tired all week.
Ik voel me al de hele week moe.
Are you feeling any better today?
Voel je je vandaag al wat beter?
Koppelwerkwoord: feel + adjectief
Als koppelwerkwoord verbindt feel het onderwerp met een predicatief adjectief. Bij een persoon beschrijft dat een lichamelijke of emotionele toestand: feel tired, happy, sick, safe. Bij een ding beschrijft het de indruk die aanraking of ervaring oplevert: the fabric feels soft.
I don't feel comfortable signing this yet.
Ik voel me er nog niet prettig bij om dit te ondertekenen.
The apartment felt strangely empty after they moved out.
Het appartement voelde vreemd leeg aan nadat ze waren verhuisd.
Does your ankle feel sore when you walk?
Voelt je enkel pijnlijk aan als je loopt?
Omdat het adjectief het onderwerp beschrijft, staat er geen bijwoord op -ly. I feel bad betekent doorgaans “ik voel me rot/schuldig”. I feel badly betekent letterlijk dat mijn tastzin slecht functioneert en komt alleen in een bijzondere context natuurlijk voor.
Nederlands zegt ik voel me moe, maar Engels gebruikt hier geen myself: I feel tired. Een wederkerend voornaamwoord krijgt alleen een echte reflexieve betekenis, bijvoorbeeld I felt myself falling asleep “ik voelde dat ik in slaap viel”.
Tastzin en innerlijke waarneming: feel + object
Als transitief waarnemingswerkwoord neemt feel een direct object. Dat kan iets fysieks zijn dat je aanraakt of een gewaarwording die je lichamelijk of emotioneel ervaart.
Can you feel the vibration through the floor?
Kun je de trilling door de vloer voelen?
I felt a sharp pain in my shoulder.
Ik voelde een scherpe pijn in mijn schouder.
She felt the fabric before choosing the jacket.
Ze voelde aan de stof voordat ze de jas koos.
Bij doelbewust betasten is feel dynamisch en past de progressive: The tailor is feeling the fabric. Bij passieve waarneming is de simple gebruikelijk: I feel a draft, niet normaal I'm feeling a draft. Het verschil is conceptueel: verricht het onderwerp een tijdelijke handeling, of registreert het eenvoudig een toestand of prikkel?
Na het object kan een kale infinitief of -ing-vorm volgen. Feel someone do something presenteert vaak de gebeurtenis als geheel; feel someone doing something zoomt in op een lopend proces.
I felt the train begin to move.
Ik voelde dat de trein begon te rijden.
She felt someone watching her from across the room.
Ze voelde dat iemand haar vanaf de andere kant van de kamer bekeek.
Dit is een waarnemingsconstructie; na het object volgt geen to in de eenvoudige actieve vorm. In de passief is to wel mogelijk bij bepaalde waarnemingswerkwoorden, maar was felt to be komt vooral in (formal/academic) evaluaties voor: The measure was felt to be unnecessary.
Een indruk of mening uitdrukken
Feel (that) + bijzin betekent “van mening zijn” of “de indruk hebben”. Het is minder bewijsgericht dan conclude en presenteert het oordeel vaak als persoonlijk. In professionele taal kan I feel that… een bezwaar verzachten, al kan het ook vaag klinken wanneer feitelijke onderbouwing nodig is.
I feel that we're overlooking a simpler solution.
Ik heb het gevoel dat we een eenvoudigere oplossing over het hoofd zien.
Do you feel the policy is fair to part-time staff?
Vind je dat het beleid eerlijk is voor deeltijdmedewerkers?
We strongly felt that the public should see the full report.
We waren er sterk van overtuigd dat het publiek het volledige rapport moest kunnen zien.
Bij deze meningsbetekenis is de simple normaal: I feel that… De progressive I'm feeling that… is niet neutraal in algemeen Amerikaans Engels. In (informal) gesprek hoor je I'm feeling like this isn't working, maar I feel like this isn't working is breder standaard.
Feel as if/as though + bijzin beschrijft een subjectieve indruk. Feel like + naamwoord/-ing betekent dat iets aanvoelt als iets anders of dat je ergens zin in hebt.
It feels as though we've had this conversation before.
Het voelt alsof we dit gesprek al eerder hebben gehad.
I feel like staying home tonight.
Ik heb zin om vanavond thuis te blijven. (informal/neutral)
Na feel like staat een naamwoord, voornaamwoord of -ing-vorm, geen gewone to-infinitive. I feel like coffee betekent “ik heb zin in koffie”; I feel like a fool betekent “ik voel me een dwaas”. Context maakt de lezing duidelijk.
Simple tegenover progressive
Feel wisselt tussen statische en dynamische lezingen. Een algemene toestand of mening gebruikt gewoonlijk simple. De progressive is natuurlijk bij een actuele, tijdelijke ontwikkeling of doelbewuste tastactie.
| Lezing | Gewone vorm | Voorbeeld |
|---|---|---|
| toestand/gewaarwording | simple | I feel dizzy. |
| tijdelijke verandering | progressive mogelijk | I'm feeling better. |
| mening | simple | I feel that it's wrong. |
| doelbewust betasten | progressive mogelijk | She's feeling the wall for a switch. |
I usually feel sleepy after lunch, but today I'm feeling energetic.
Ik voel me na de lunch meestal slaperig, maar vandaag voel ik me energiek.
De progressive verandert niet simpelweg “nu” in de betekenis. I feel sick kan heel goed over dit moment gaan. I'm feeling sick benadrukt de actuele, tijdelijke ervaring of ontwikkeling. Zie statische en dynamische werkwoorden.
Vragen, ontkenning en perfect
Lexicaal feel gebruikt do-support in simple vragen en ontkenningen. Na did staat feel, niet felt. In de perfect staat felt na have/has. How do you feel? vraagt naar iemands toestand of mening; What do you feel? vraagt wat iemand letterlijk waarneemt of welke specifieke emotie aanwezig is.
How did you feel after your first day?
Hoe voelde je je na je eerste dag?
I didn't feel the earthquake at all.
Ik heb de aardbeving helemaal niet gevoeld.
Have you felt this kind of pain before?
Heb je dit soort pijn eerder gevoeld?
What do you feel when you press here?
Wat voel je als je hier drukt?
Veelgemaakte fouten
1. Een Nederlands wederkerend voornaamwoord kopiëren
❌ I feel myself tired today.
Onjuist: bij feel + adjectief staat geen wederkerend voornaamwoord.
✅ I feel tired today.
Ik voel me vandaag moe.
2. Een bijwoord na het koppelwerkwoord gebruiken
❌ I feel badly about the mistake.
Misleidend: badly beschrijft letterlijk een slechte tastzin.
✅ I feel bad about the mistake.
Ik voel me rot over de fout.
3. Een regelmatige verleden vorm maken
❌ She feeled better after lunch.
Onjuist: de past van feel is felt.
✅ She felt better after lunch.
Ze voelde zich na de lunch beter.
4. To gebruiken na feel like
❌ Do you feel like to go for a walk?
Onjuist: na feel like volgt een -ing-vorm.
✅ Do you feel like going for a walk?
Heb je zin om een wandeling te maken?
5. De progressive automatisch voor elke actuele toestand kiezen
❌ I'm feeling that this price is too high.
Niet neutraal voor een mening in algemeen Amerikaans Engels.
✅ I feel that this price is too high.
Ik vind dat deze prijs te hoog is.
Kernpunten
- De slots zijn feel, feels, felt, felt, feeling.
- Feel + adjectief is een koppelwerkwoordpatroon zonder wederkerend voornaamwoord: I feel tired.
- Transitief feel + object duidt tastzin of innerlijke waarneming aan.
- Feel (that) geeft een mening; feel like + -ing drukt vaak zin uit.
- De progressive past bij een tijdelijke ontwikkeling of bewuste tastactie, maar niet automatisch bij elke actuele toestand.
Related Topics
- Statische en dynamische werkwoordenB1 — Begrijp waarom Engelse toestandswerkwoorden meestal een simple vorm krijgen en wanneer een dynamische betekenis juist een progressive mogelijk maakt.
- KoppelwerkwoordenB1 — Leer hoe Engelse koppelwerkwoorden het onderwerp verbinden met een beschrijving, identiteit of toestand en waarom daarop meestal een adjectief volgt.
- Stative verbs in de progressiveC1 — Begrijp wanneer Engelse toestandswerkwoorden toch progressief worden doordat hun betekenis als ervaring, proces, gedrag of commerciële evaluatie verschuift.
- Alleen predicatieve adjectievenB2 — Gebruik afraid, asleep, alive, alone en aware vooral na een koppelwerkwoord en kies een passend alternatief vóór een zelfstandig naamwoord.
- Werkwoordpatronen met gerund of infinitiefB1 — Leer welke Engelse werkwoorden -ing, een to-infinitief of beide selecteren en wanneer de complementvorm de betekenis verandert.