Emphatic reflexive pronouns (-zelf)

QuestionAnswer
the freelancer
de freelancer
independent (not dependent, objective)
onafhankelijk
himself / herself / themselves (emphatic)
zichzelf
The freelancer is independent and motivates himself.
De freelancer is onafhankelijk en motiveert zichzelf.
to determine / to decide (to establish, fix)
bepalen
the rate
het tarief
The freelancer sells himself well and determines the rate.
De freelancer verkoopt zichzelf goed en bepaalt het tarief.
the client
de opdrachtgever
Does the client see himself as the boss?
Ziet de opdrachtgever zichzelf als de baas?
the discipline
de discipline
myself (emphatic)
mezelf
I am independent, but I demand discipline from myself.
Ik ben onafhankelijk, maar ik eis discipline van mezelf.
to challenge
uitdagen
yourself (emphatic)
jezelf
You challenge yourself and you demand the best rate.
Jij daagt jezelf uit en je eist het beste tarief.
Do you challenge yourself, or do you need a client?
Daag jij jezelf uit, of heb je een opdrachtgever nodig?
I challenge myself and I determine my own success.
Ik daag mezelf uit en ik bepaal mijn eigen succes.
I motivate not only myself, but also the client.
Ik motiveer niet alleen mezelf, maar ook de opdrachtgever.
The freelancer determines the rate and pays himself more.
De freelancer bepaalt het tarief en betaalt zichzelf meer.
I am independent and I often surprise myself with it.
Ik ben onafhankelijk en ik verbaas mezelf er vaak over.
The freelancer needs the discipline, he must challenge himself.
De freelancer heeft de discipline nodig, hij moet zichzelf uitdagen.