Proportion clauses (naarmate)

QuestionAnswer
the toddler
de peuter
to grow up
opgroeien
The toddler is growing up very fast.
De peuter groeit heel snel op.
The toddler could not talk yet.
De peuter kon nog niet praten.
as / in proportion as (gradual change)
naarmate
mature / adult
volwassen
As the child grows up, it becomes mature.
Naarmate het kind opgroeit, wordt het volwassen.
As the boy became older, he wanted to appear mature.
Naarmate de jongen ouder werd, wilde hij volwassen lijken.
the adolescent
de puber
the identity
de identiteit
As the adolescent gets older, his identity changes.
Naarmate de puber ouder wordt, verandert zijn identiteit.
The adolescent wanted to find a new identity.
De puber wilde een nieuwe identiteit vinden.
wise
wijs
As one grows older, one often becomes wiser.
Naarmate men ouder wordt, wordt men vaak wijzer.
The wise adolescent did not want any help yet.
De wijze puber wilde nog geen hulp.
sensible
verstandig
As you learn more, you become more sensible.
Naarmate je meer leert, word je verstandiger.
The toddler is not sensible yet.
De peuter is nog niet verstandig.
the brain
het brein
mental
geestelijk
As the brain grows, mental development goes faster.
Naarmate het brein groeit, gaat de geestelijke ontwikkeling sneller.
The mental health of the adolescent was important.
De geestelijke gezondheid van de puber was belangrijk.
The scientist could not understand the brain yet.
De wetenschapper kon het brein nog niet begrijpen.
born
geboren
As a child grows up, the brain changes.
Naarmate een kind opgroeit, verandert het brein.
He was born here and became an adult.
Hij is hier geboren en volwassen geworden.
The toddler was only just born.
De peuter is pas geboren.
sex
de seks
The adolescent learns about sex and identity.
De puber leert over seks en identiteit.
Education about sex is part of growing up.
Voorlichting over seks hoort bij het opgroeien.

Contributors