Anna wil zich vanavond via de app afmelden.

Elon.io is an online learning platform
We have an entire course teaching Dutch grammar and vocabulary.

Start learning Dutch now

Questions & Answers about Anna wil zich vanavond via de app afmelden.

Why is it wil and not wilt with Anna?
With the verb willen (to want), third-person singular is wil: hij/zij/Anna wil. The -t form wilt is used with formal u: u wilt. So Anna wil is correct, not Anna wilt.
What is zich doing here? Why is it needed?

zich is the reflexive pronoun. zich afmelden means “to sign off/deregister oneself.” Without the reflexive, afmelden usually means to deregister someone else.

  • Reflexive (self): Anna wil zich afmelden.
  • Non‑reflexive (someone else): Anna wil haar dochter afmelden.
Where should zich go? Could I say: Anna wil vanavond via de app zich afmelden?

Put the unstressed reflexive pronoun early in the “middle field,” before adverbials and the verb cluster:

  • Natural: Anna wil zich vanavond via de app afmelden.
  • Without a modal (see the split verb): Anna meldt zich vanavond via de app af.
  • Dispreferred: Anna wil vanavond via de app zich afmelden.
Why isn’t afmelden split as meldt … af here?
Because wil is a modal verb. With a modal, the main verb stays in the infinitive at the end and doesn’t split: … wil … afmelden. Without the modal, the separable verb splits: Anna meldt … af.
Is the order vanavond via de app fixed? Can I swap them?

Dutch tends to follow Time–Manner–Place. vanavond (time) before via de app (manner/means) is the neutral choice:

  • Neutral: Anna wil zich vanavond via de app afmelden.
  • You can swap for focus: Anna wil zich via de app vanavond afmelden, but it sounds marked or contrastive.
What’s the difference between afmelden, uitloggen, afzeggen, and uitschrijven?
  • zich afmelden: to excuse/deregister yourself from an activity or to log off a session. Example: Ik meld me af voor de les.
  • uitloggen: to log out of an account/app. Example: Ik log uit.
  • afzeggen: to cancel an appointment/meeting. Example: Ik zeg de afspraak af.
  • zich uitschrijven: to unenroll/withdraw from a membership/registry (more formal/administrative). Example: Ik schrijf me uit bij de gemeente. In IT contexts, systems often use (zich) afmelden for “log off,” while uitloggen is very common in speech.
Can I say zichzelf instead of zich?

Use zichzelf only for emphasis, like “herself” in English.

  • Neutral: Anna wil zich afmelden.
  • Emphatic: Anna wil zichzelf afmelden (e.g., not someone else).
How do I turn this into a question?
  • Yes/no question (V2): Wil Anna zich vanavond via de app afmelden?
  • Wh-question (place the wh-word first):
    • Time: Wanneer wil Anna zich via de app afmelden?
    • Means/instrument: Waarmee wil Anna zich vanavond afmelden? or Via welke app wil Anna zich vanavond afmelden?
How does this look in a subordinate clause?

Verbs go to the end, and the infinitive stays together:

  • … omdat Anna zich vanavond via de app wil afmelden. (You may also see … omdat Anna zich … afmelden wil, especially in Flemish; … wil afmelden is more common in the Netherlands.)
Do I need te before afmelden after wil?

No. Modals (kunnen, moeten, mogen, willen, zullen) take a bare infinitive:

  • Anna wil zich … afmelden.
    With other verbs you may need te:
  • Anna probeert zich vanavond via de app af te melden.
Why is it de app and not het app? Can I drop the article?
app is a common-gender noun (a de‑word), so de app. You normally keep the article: via de app. You can drop it with a proper name (via WhatsApp) or in headline style, but in normal sentences via de app is best.
Which prepositions go with afmelden: voor, bij, via?
  • zich afmelden voor + activity/event: Ik meld me af voor de training.
  • zich afmelden bij + person/place: Meld je af bij de receptie.
  • zich afmelden via + channel: Ik meld me via de app af. You can combine them: Ik meld me vanavond via de app af voor de les.
If the subject changes, do the reflexive pronouns change?

Yes:

  • Ik meld me af.
  • Jij/je meldt je af.
  • Hij/zij/Anna meldt zich af.
  • Wij/we melden ons af.
  • Jullie melden je af.
  • Zij/ze melden zich af. With a modal: Wij willen ons vanavond via de app afmelden. / Zij willen zich …
Could I use gaat or zal instead of wil? What’s the nuance?
  • wil = wants/intends: Anna wil zich … afmelden.
  • gaat = is going to (plan/arrangement): Anna gaat zich … afmelden.
  • zal = will/shall (prediction/offer/decision): Anna zal zich … afmelden. Choose based on meaning; they aren’t interchangeable without changing the nuance.
Any quick pronunciation tips?
  • zich: final ch is a voiceless guttural , like German ich but harsher: [zɪx].
  • vanavond: stress on the middle syllable: [vaˈnaː.vɔnt].
  • via: two syllables [ˈvi.a].
  • afmelden: [ˈɑfˌmɛl.də(n)].