Usages of de bruid
Ik zag dat de bruid zich over de vlek opwond.
I saw that the bride got worked up about the stain.
De bruidegom was aan het wachten toen de bruid zich bezeerde.
The groom was waiting when the bride hurt herself.
Na het feest verkleedde de bruid zich meteen.
After the party, the bride changed clothes immediately.
Opeens schaamde de bruid zich voor de vergrote foto.
Suddenly the bride felt ashamed of the enlarged photo.
Gelukkig bezeerde de bruid zich niet.
Fortunately the bride did not hurt herself.
De moeder was aan het huilen omdat de bruid zich opwond.
The mother was crying because the bride got worked up.
De bruid en de bruidegom vieren de bruiloft.
The bride and groom celebrate the wedding.
Wij feliciteren de bruid bij het altaar.
We congratulate the bride at the altar.
Elon.io is an online learning platform
We have an entire course teaching Dutch grammar and vocabulary.