Usages of zilveren
Er zijn zilveren en gouden ringen.
There are silver and gold rings.
De vrouw koopt wol en een zilveren ketting.
The woman is buying wool and a silver necklace.
De baas draagt een zilveren horloge en een gouden ring.
The boss is wearing a silver watch and a gold ring.
Welk zilveren horloge ligt naast die gouden ring?
Which silver watch is lying next to that gold ring?
Ik draag ze het liefst elke dag, deze zilveren oorbellen.
I prefer to wear them every day, these silver earrings.
Elon.io is an online learning platform
We have an entire course teaching Dutch grammar and vocabulary.