Distributive determiners (elke, iedere)

QuestionAnswer
every / each
ieder
the participant
de deelnemer
present
aanwezig
Every participant is present today.
Iedere deelnemer is vandaag aanwezig.
Every document is checked by the boss.
Elk document wordt door de baas gecontroleerd.
the employee
de medewerker
unique
uniek
Every employee in this company is unique.
Elke medewerker in dit bedrijf is uniek.
the type
het type
mandatory / required
verplicht
Every type of document is mandatory here.
Ieder type document is hier verplicht.
the detail
het detail
the phase
de fase
I see a new detail in every phase.
Ik zie een nieuw detail in elke fase.
Every present employee must set up a chair.
Iedere aanwezige medewerker moet een stoel klaarzetten.
Every participant can register here.
Elke deelnemer kan zich hier aanmelden.
Every project has a difficult phase.
Ieder project heeft een moeilijke fase.
to treat / to discuss (cover a topic) / to handle
behandelen
The teacher covers every mandatory exercise.
De leraar behandelt elke verplichte oefening.
Every complaint is handled by the manager.
Iedere klacht wordt door de manager behandeld.
Every day I check every detail of this unique type.
Elke dag controleer ik ieder detail van dit unieke type.
absent
afwezig
Every employee is absent today.
Iedere medewerker is vandaag afwezig.
The participant was absent, not present.
De deelnemer was afwezig, niet aanwezig.

Contributors