Wordde baanMeaningthe jobPart of speechnounPronunciationCourseDutchLessonPast tense of modal verbs (wilde, kon, moest, mocht)Usages of de baanIk wilde graag de baan in de fabriek.I really wanted the job in the factory.Ik kon de baan niet krijgen, want ik had geen ervaring.I couldn't get the job because I had no experience.