Future in the past (zouden)

QuestionAnswer
originally
oorspronkelijk
We were originally going to work together, but the project didn't go ahead.
We zouden oorspronkelijk samenwerken, maar het project ging niet door.
the intention
de bedoeling
the schedule (plan, timeline)
de planning
The intention was that we would change the schedule.
Het was de bedoeling dat we de planning zouden veranderen.
the gathering
de bijeenkomst
to plan
plannen
suddenly
opeens
They were going to plan the meeting, but suddenly the boss got angry.
Ze zouden de bijeenkomst plannen, maar opeens werd de baas boos.
to reschedule
verzetten
Even the boss wasn't going to come, so we were going to reschedule the meeting.
Zelfs de baas zou niet komen, dus we zouden de bijeenkomst verzetten.
It started raining, so we weren't going to walk anymore.
Het begon te regenen, dus we zouden niet meer wandelen.
after all
alsnog
I was going to cancel the appointment, but I went anyway.
Ik zou de afspraak afzeggen, maar ik ben alsnog gegaan.
hence
vandaar
Suddenly the train was cancelled, which is why we were going to take the bus.
Opeens viel de trein uit, vandaar dat we de bus zouden nemen.
We were originally going to eat outside, but we ate inside after all.
We zouden oorspronkelijk buiten eten, maar we hebben alsnog binnen gegeten.
meanwhile
inmiddels
I have since heard that they were going to reschedule the meeting.
Ik heb inmiddels gehoord dat ze de bijeenkomst zouden verzetten.
The parents were angry, because the party wasn't going ahead.
De ouders waren boos, want het feest zou niet doorgaan.
It was the intention that we would plan the project.
Het was de bedoeling dat we het project zouden plannen.
The schedule was full by now, hence we would leave late.
De planning was inmiddels vol, vandaar dat we laat zouden weggaan.
He said that he would call today.
Hij zei dat hij vandaag zou bellen.
I thought that we would eat together.
Ik dacht dat wij samen zouden eten.
The boss promised that he would help me.
De baas beloofde dat hij mij zou helpen.
She said that she would buy the car.
Zij zei dat ze de auto zou kopen.